dinsdag 8 oktober 2013

Journalistiek
Hoofdstuk 1
1.
  1. Kranten zijn gedrukt
  2. Kranten verschijnen regelmatig
  3. Kranten hebben een naam, nummer en datum
  4. Beginselverschijning/lijfspreuk
  5. Bevatten veelal nieuws
  6. Kranten hebben een naam
  7. Gericht op breed publiek
  8. Presenteren nieuws op een herkenbare manier
  9. Vertegenwoordigen stroming (bijvoorbeeld geloof, PVV, neo-nazi’s, partij van de dieren), stroming, mening.
2. Grondwet(artikel 7)
3. Opkomst van internet: ’s ochtends weinig concurrentie dus lezen ze liever ’s ochtends. Avondkrant heeft minder verkoop en kunnen het nieuws beter brengen.
4. Nee, regionale kranten kunnen net zo goed zijn.
5. Belasting op advertenties en op papier.
6. Nee, de verzuiling kwam terug. Na jaren ’60 verdween verzuiling.
7. Volgens sommigen laten journalisten zich te vaak leiden door wat ze zelf belangrijk vinden en te weinig door wat de lezers willen. Journalisten werken voor de lof van hun collega’s en houden weinig rekening met de lezer. Alleen in ingezonden rubrieken kan de lezer iets kwijt.
8. De Telegraaf publiceert online vooral veel verschillend nieuws. In tegenstelling tot Volkskrant die vooral veel binnen- en buitenlands nieuws publiceert, net als Trouw. De Telegraaf plaatst ook sport en entertainment op hun hoofdsite.
9. Bild Zeitung gebruikt grotere letters, wat dus meer en sneller opvalt bij het lezende publiek. Ook het onderwerp van Bild is populistisch niet pragmatisch. Bild heeft alleen foto’s, weinig tekst.
10. Rubriek over ICT, culinaire rubriek, reisrubriek en een rubriek over de wetenschap.
11. Telegraaf lees ik het meest. Ik haal hem ’s ochtends uit de brievenbus en lees dan altijd de voorpagina helemaal. Vervolgens blader ik naar de PrivĂ© pagina om het showbizznieuws te checken. De rubrieken of artikelen over de economie interesseren mij niet, dus die sla ik dan ook over.













Hoofdstuk 3
  1. Typerend voor de nieuwe media is dat de wensen en behoeften van de lezers centraal staat. Bij de nieuwe media zijn bijvoorbeeld hyperlinks en interactieve graphics te zien. De krant richt zich op hoe de lezer het het prettigst lezen vindt.
  2. Nee, door internet is in principe zowel zender als ontvanger aanwezig. Het traditionele gedeelte geldt niet meer.
  3. – De lezer (of kijker en luisteraar) staat centraal
-      Dankzij internet kunnen we alles delen en we kunnen samen publiceren en reageren.
  1. Crossmediaal:Voetbal international, de kijker is interactief bezig met het tv-programma.
  2. Multimediaal (tekstelementen kunnen worden aangevuld met videobeelden)
User-driven: Je kunt artikelen overslaan als je ze niet boeiend vindt.
Non-linear: Je kunt doorbladeren naar wat de jij interessant vindt.
  1. Als reclame wordt gemaakt wordt er gekeken hoe klanten reageren                                                                                         op film/reclame door middel van een camera. De linkerbovenhoek wordt het meest bekeken.
  2. Ze maken allebei gebruik van een internetwebsite. De nieuwsfoto speelt een belangrijke rol en er wordt gebruik gemaakt van korte stukken tekst.
  3.     – Korte verhalen
-      Een subjectieve stijl van schrijven
-      Prominente plaats voor de nieuwsfoto op de pagina
-      Extra informatie wordt geplaatst in aparte boxen
-      Als je de totale hoeveelheid tekst optelt, het hoofdverhaal en de tekst in de boxen, is het nog maar de vraag of halfformaten minder tekst in hun verhalen doen en minder informatie zouden bevatten.
  1. Mechanism push: Om op de hoogte te blijven van het dagelijks nieuws, zijn RSS feeds van groot belang. Door een RSS feed wordt het dagelijkse nieuws naar je toe gezonden.
Pull: Het zelf ophalen van de update via de webpagina.
  1. Het is moeilijk om in video’s te zoeken, omdat je beelden niet zoekt met tekst, tenzij de beelden verbonden worden met trefwoorden.
11.
12. Een tagcloud is een visuele weergave van inhoudstags die op een website worden gebruik. Een tag is een sleutelwoord geassocieerd met toegewezen aan of opgenomen in een digitaal bestand (zoals afbeeldingen, video, audio). De tag geeft aanvullende informatie over het bestand waaraan het is gekoppeld en maakt zodoende sleutelwoorden.

13. Google maps: waarin aanvullende gegevens worden toegevoegd aan geografisch kaartmateriaal.
      www.zie.nl. Op deze web tv-gids komen de programmagegevens van 175 Tv-zenders bijeen.
14. Ja, je kunt je aanmelden voor de nieuwsbrief.
15. Ja, zodoende is men in staat om foto’s te delen.
16.
17. Dat de linkerbovenhoek het meest wordt gelezen.
18. Omdat Flash beschermt tegen virussen.

19. Een nie-lineair bewerkingssysteem is een video- of audiobewerkingssysteem waarmee audio of video heel gericht bewerkt kan worden zonder alles te moeten doorlopen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten